Flamenco is van oudsher voor veel
mensen uit Zuid Spanje een belangrijk onderdeel van het leven. Niet alleen
tijdens feesten, partijen en andere bijeenkomsten, maar vooral ook in het
dagelijkse leven. De eerste vorm van flamencomuziek bestond alleen uit
melodische zang, ritmisch begeleid met de handen en de voeten. Improvisatie &
virtuositeit spelen hierbij een belangrijke rol. Later is de gitaar erbij
gekomen. Nog later, pas in de 20e eeuw, ontwikkelde het voetenwerk
zich tot de vorm zoals wij die nu kennen.
De laatste decennia zien we ook mengvormen zoals flamenco en jazz, klassiek en
popmuziek. Niet langer wordt flamenco alleen door Spaanse zigeuners beleefd.
Over de hele wereld zijn verschillende groepen mensen intensief met flamenco
bezig.
Om flamenco te begrijpen is een bepaalde basiskennis vereist. Men moet leren de
verschillende stijlen te onderscheiden. Deze stijlen zijn veelal ontstaan in
diverse zigeunerfamilies uit de verschillende Andalusische provincies. Flamenco
is echter niet alleen een combinatie van ritme, melodie & dans; een ander
essentieel onderdeel is "de duende". Een ongrijpbaar en ondefinieerbaar begrip.
Je zou het kunnen omschrijven als een emotioneel en muzikaal hoogtepunt. Een
moment waarop zang, dans en gitaar een uitspatting beleven die de toeschouwer
ongetwijfeld kippenvel bezorgt.
Flamenco boeken
Flamenco cd's
Flamenco
links
Flamenco
encyclopedie Wikipedia
"Voor mijzelf betekent
flamenco een dansvorm waarin ik mijn creativiteit en energie kwijt kan.
Een ritmische en fysieke uitdaging. Een lange weg om de hoeveelheid kennis en
achtergrond
die er achter de flamenco schuilt beetje bij beetje te leren begrijpen en tot
mij te nemen."
Flamenco is een muziekvorm die in
het zuiden van Spanje, in Andalusië, ontstaan is door de vermenging van
verschillende culturen: de Spaanse volksmuziek en kerkgezangen, de zang- en
danstraditie van de zigeuners die uit Voor-Indië naar het westen getrokken
waren, en de eeuwenoude melodieën van de joden en arabieren,
die weliswaar rond 1500 uit Spanje verdreven waren, maar wier stempel op de
Spaanse cultuur onuitwisbaar is gebleken.
In zijn puurste vorm bestaat de flamenco uit vier elementen, waartussen een
voortdurende wisselwerking is. Centraal staat de zang: een goede flamencozanger
zingt niet alleen de tekst en de melodie van een lied (cante), maar weet door
stembuigingen en langgerekte tonen een bepaalde emotie over te brengen.
Sommige cantes zijn vrolijk, andere hartstochtelijk of verdrietig, allemaal
hebben ze hun eigen stemming. Zolang de zanger zingt, hebben de gitarist en de
danser(es) een dienende rol. De gitaar ondersteunt de melodie met akkoorden en
roffels, de danser beeldt met gracieuze bewegingen de emotie uit.
Als de zanger zwijgt, kan de gitarist in kunstige variaties, falsetas, zijn
vaardigheden tonen. De danser voert met het gestamp van zijn voeten het tempo op
en varieert op het basisritme, het compás, met razendsnel voetenwerk. Totdat
gitaar en voeten zwijgen en de zanger een nieuw couplet inzet.
En het vierde element? Dat zijn de toeschouwers, die met kreten en aanvuringen
de artiesten tot grotere prestaties opdrijven. En als alle vier de elementen
optimaal samenwerken, dan ontstaat er soms iets dat de flamencokenners 'duende'
noemen: een hogere macht maakt zich meester van alle aanwezigen,
die gegrepen worden door één magische ontroering.
Flamencomagazine
Mundoflamenco

Home